Tuesday, April 30, 2013

Dolores Cannon - Deel 4





DOLORES CANNON

Vreemde gevallen.


Deel 4   




Dolores: Deze vreemde gevallen gebeurden niet alleen in mijn vroege onderzoeksdagen in de jaren rond 1980. Ik geef hierbij een recent geval dat het vermogen van buitenaardsen laat zien om een illusie te creëren op een veel grotere schaal dan alleen maar met dieren.

In 1997 had Clara me geschreven en diverse keren per telefoon gevraagd om een sessie met haar te doen. Er zijn nu zoveel mensen die dit willen dat ik gestopt ben om ze bij mij thuis te geven. Ik neem ook geen nieuwe subjecten/klanten meer aan behalve als ik een lezing moet geven in de stad waar ze wonen en alleen als ik dan de tijd ervoor heb.
Ik herinnerde me Clara niet of ons gesprek. Ze ontdekte dat ik in mei in Hollywood moest zijn, voor een conferentie dus belde ze en vroeg om een afspraak.  Ze woonde bij San Francisco maar ze wilde graag naar Hollywood komen. En onder die omstandigheden kon ik haar niet weigeren. 

[Omdat de conferentie een flop werd, had Dolores meer tijd en was erg ontspannen toen Clara in haar hotelkamer kwam]
Clara is een aantrekkelijke blondine in haar veertiger jaren, schijnbaar actief, intelligent en in goede gezondheid. Tijdens ons gesprek vooraf, waarin ik probeer het probleem of de reden vast te stellen voor de sessie, zei ze dat de hoofdzaak van het probleem een episode van missende tijd was die enkele jaren tevoren gebeurd was.  Ze gaat vaker naar Hawaii voor conferenties voor haar werk. Bij deze gelegenheid reed ze zelf op het eiland Maui. Het schemerde bijna maar was nog licht en ze zocht een restaurant dat ze bij eerdere tochtjes gezien had. Dat lag op het strand en ze wilde daar haar avondmaal nuttigen en ondertussen naar de zee kijken. Terwijl ze reed en zocht, ontdekte ze dat ze al voorbij de ingang was gegaan. Ze besloot om een stukje verder te rijden om een plekje te vinden om te gaan keren en terug te rijden. Dit deel van het eiland had weelderig tropisch groen en palmbomen die de twee rijstroken overschaduwden. Een paar huizen lagen achteraf de weg en werden uit het zicht verborgen. Ze vond tenslotte een weg om om te keren, alhoewel ze mentaal opmerkte dat ze die nooit eerder gezien had toen ze dezelfde route reed.  Toen ze daar indraaide bevond ze zich in een groep kleine behuizingen samengesteld uit modulaire woningen. Die lagen tussen palmbomen in een heel aangename omgeving. Ze draaide haar auto daarin en keerde om. En dat was het laatste dat ze zich herinnerde. 

Het volgende ogenblik bevond ze zich aan de andere kant van het eiland en reed over een drukke hoofdweg met vier rijstroken. Het was nu totaal donker en ze had er geen idee van hoe ze daar kwam.
Een jaar later toen ze terugkeerde naar hetzelfde eiland voor weer een conferentie, reed ze langs dezelfde weg en zocht naar die groep huizen, uit nieuwsgierigheid, omdat het vreemde incident nooit meer uit haar denken weg was gegaan. Ze reed het hele gebied rond en alhoewel ze het hotel weer terugvond, vond ze die groep huizen met de modulaire woningen niet meer terug. Dit had haar in verwarring gebracht en daarom wilde ze een sessie. Ze wilde ontdekken wat er die avond was gebeurd, en hoe ze zo mysterieus aan de andere kant van het eiland terecht kwam zonder enige herinnering dat ze daar naar toe was gereden. 

Ze bleek een uitstekend subject te zijn. Ik had geen probleem om haar onmiddellijk in een diepe trance te krijgen, en ze sprak best veel nadat ze de scène was binnengegaan. ..
Dolores: Nou, je bent nu in je hotel ingecheckt. En ik wil dat je doorgaat naar de avond, toen je naar het restaurant wilde gaan om daar te eten. Is dat in hetzelfde hotel of in een ander hotel?
Cl: Een ander hotel.
D: Ligt dit ver weg?
C: Hmmm. Misschien een paar kilometer… vijf misschien, ik ben daar nog nooit eerder geweest om te eten. Ik ben er net voorbij gereden. Het ligt vlak aan het water, terwijl mijn hotel wat meer de heuvel op ligt. En ik wilde echt in een hotel zitten, met de ramen open en de zee horen. Ik wilde daar allang eens naar toe.
D: Nou, je rijdt er nu naar toe. (Ja)  Hoe laat is het nu?
C: Het gaat bijna schemeren. Ik weet niet precies hoe laat maar het is een soort schemering.
D: En je denkt dat het al gauw donker zal zijn?
C: Hmm, waarschijnlijk. Ik denk daar niet veel over na.
D: Nou, je nadert het hotel. Wat doe je?
C: Nou ik rijd op Zuid KiHi (fonetisch uitgesproken) en het wordt donkerder. Je kunt moeilijk zien want er zijn geen straatlampen. Ik ga nu voorbij het Astland. Dat is een echt groot plein en ik mis die inrit. Dit is een cirkel. Daar zijn heel veel bomen. En de oprit lijkt wel, nou niet gecamoufleerd, maar ik mis hem. (Geërgerd)  Ik kan het gewoon niet zien, dus ik ga verder en zoek een plek om daar om te draaien, want ik wil echt dineren in dat hotel.(In dit gedeelte schijnt ze soms in zichzelf te praten, terwijl ze rijdt en beantwoordt dan ook mijn vragen.) En nu vind ik deze plek. Het is een cul-de-sac (doodlopende weg) Ja, dit lijkt me een goeie plek om te draaien. Hmmm. Ik heb dit hier nog nooit eerder gezien. (beetje verward) Hmmm. Hier zijn prachtige palmbomen en bloemen. En er is een hek omheen, maar dat is een hek waar ik doorheen kan kijken. (ze beschrijft de woningen.) Ja, nou, dit is een schitterende plek.
D: En hier is een plek om te draaien?
C: Yeah. Het is een cul-de-sac en ik draai mijn auto. (zachtjes) En ik zie heldere lichten. (pauze… dan verwarring) Het zijn net…. ze verblinden me.
D: Waar zijn die? 
C: (Haar ademhaling werd sneller) Ze komen uit de lucht. En het is … het is… een soort van een trechter van licht met de wijde opening naar mij gericht… het is net….. (verward)
D: Met de punt naar boven gericht?
C: Ja. Het is net als van de zon, hoe je dat scherpe licht door de bomen ziet. En ik voel heel veel krachtige energie vanuit dit licht. (Diepe ademhalingen)
D: Is het een vast, compact licht?
C: Het is een stralend licht. Stromen van licht.
D: Van onderen uit?
C: ( Het was duidelijk door haar stem en haar ademhaling dat ze iets ongewoons en best wel verontrustends beleefde.) Van onderen uit, ja.
D: Rijd jij nog in de auto?
C: Nee! Ik ben gewoon. Ik ben gewoon. 
D: Wat bedoel je?
C: ( Met ongeloof) Het voelt of ik deel ben van dit licht.
D: Zit je nog in je auto?
C: Nee. Het voelt alsof ik zweef. En alsof ik deel ben van het licht. (Diepe ademhalingen). Ik ben gewoon licht. Het lijkt een transcendentie van tijd en licht. Alsof ik beweeg. Ik ga ergens naar toe, maar ik weet niet waar naar toe. En het is okay.
D: Je hebt een gevoel van beweging?
C: Yeah. Van zweven. Van beweging. (Ze was echt gevangen in die ervaring) Door kleuren heen, door de tijd heen, door de ruimte, door….  (Diepe ademhalingen) Het is erg plezierig. Alsof …door tijd en ruimte.
D: Maar het zijn alleen kleuren die je ziet?
C: (Traag) Kleuren en gouden licht. Het is heel erg vredig. (Ze ademde uit op een zeer ontspannen manier) Ze ging door met diep en prettig te ademen) Het gevoel is dat ik alles ben, en alles is mij(ben ik). Alles dat is, is daar. Alles dat is, is hier. Alles dat is, is. 

Dolores: Ik stop met de transcriptie van deze sessie op dit punt, omdat er al snel gecompliceerde concepten kwamen. De hele sessie zal in mijn boek Convoluted Universe worden verteld, waarin ik theorieën en concepten zal vermelden die dit boek alleen maar even zal aanraken. Dat zal het vervolg zijn dat zich zal verbreden naar mind-boggling (verbijsterende) ideeën. Het is voldoende te zeggen dat Clara niet naar een toestel werd vervoerd maar naar een planeet in een andere dimensie. Ik sluit dit geval hier alleen bij in om te laten zien hoe ook hele omgevingen als illusie kunnen verschijnen.  (winny: als ik de kans krijg, als Dolores zelf niet ingrijpt, omdat ik nog steeds geen toestemming heb, dan zal ik het vervolgstuk van Clara direct hierna vertalen.) 

Aan het eind van de sessie communiceerde ik met haar onderbewustzijn.
D: Ben je in de positie om uit te leggen wat er gebeurde toen ze die weg in Hawaii afreed, en bij dat huisvestingspark kwam? 
C: Zij werd hiernaar toe gestuurd op die tijd en naar die plek, omdat dat de plek was dat ten gunste van haar werd gematerialiseerd. Daarna was het niet juist voor die tijd dat ze terugkeerde naar die zelfde plaats. Dus werd ze naar een plek genomen die ze kende op die highway. Zodat de auto daar zou zijn en ze dan weer zou weten hoe ze moest komen waar ze naar toe ging. 
D: Dus dat terugkomen moest op een bepaalde plaats in Hawaii zijn en op die tijd?
C: Nee niet noodzakelijk. Dat was gewoon een plek waar zij zich prettig voelde in haar stoffelijke lichaam. En die plek (bij die huizen) die voor haar was gecreëerd om daar te zijn, was een plek van grote schoonheid voor haar. En dus was dit een plek waar ze zich totaal en compleet kon ontspannen zodat de overdracht kon worden gedaan.
D: Toen werd haar stoffelijke lichaam teruggebracht naar de auto en werd de auto stoffelijk naar die andere weg gebracht?
C: Dat is correct. Hij werd gewoon ge-dématerialiseerd en toen terug gematerialiseerd naar een andere plek. 
D: Is dit gewoon om auto’s en mensen te verplaatsen van de ene naar de andere plek? 
C: Oh, ja. Oh, ja.
D; Dan gebeurt dit vaak?
C: Heel vaak, heel vaak.
D: Als dit gebeurt wordt dan het stoffelijke lichaam gedématerialiseerd en dan ook weer gematerialiseerd?(Ja)  En er is dan geen schade aan het lichaam?
C: Nee, geen schade. Dat wordt zuivere energie. 
D: En zij en de auto werden gewoon van een plaats naar de andere verhuisd?
C: Dat is correct.
D: Toen ze weer tot bew.. ik denk dat ik moet zeggen  toen ze eenmaal weer bewust werd, was ze op een andere plek op het eiland? 
C: Right.
D: En ze reed ook op die tijd. (Ja.) En ze had tot nu toe geen herinnering aan wat er was gebeurd?
C: Dat is juist.
D: Is dit de enige keer dat dit in haar leven als Clara was gebeurd? 
C: Dit is heel vaak gebeurd. Maar deze keer was ze op een plek en tijd van haar leven toen ze open was om te onderzoeken, om te zien wat er gebeurde en hoe het kon zijn gebeurd. De andere keren waren geen tijden waarop ze klaar was om enig begrip te hebben. Of ze zat niet in een ‘groei-tijd’ in haar stoffelijke Aardse leven dat ze een begrip kon hebben van wat er gebeurde.
D: Dus dit was een tijd waarop iets ongewoons gebeurde en wat haar daaraan kon doen herinneren?
C: Dat is correct.
D: Is het nu helemaal in orde voor haar om die informatie nu wel te weten?
C: Ja. Ze moet nu de informatie hebben. Zij heeft er naar verlangd om de informatie te hebben. Ze zal het nu kunnen begrijpen.
D: En dit kan ten gunste van haar zijn, want we willen helemaal geen schade. 
C: Ja. het moet een vreugdevolle zegen voor haar zijn.

Toen vroeg ik het onderbewustzijn om zich terug te trekken en moest ik Clara’s persoonlijkheid weer terug in het lichaam brengen. Dit vrijgeven of veranderen is altijd merkbaar omdat het subject op dat moment diep inademt. Ik richtte haar weer op de huidige tijd en bracht haar terug naar volledig bewustzijn.

Dus de dingen zijn niet altijd wat ze schijnen te zijn. Kunnen we ooit zeker zijn van wat we zien of beleven of dit echt is? 
Het schijnt minstens subtiel en vriendelijk gedaan te worden zodat het enige effect nieuwsgierigheid zal zijn en dan (gewoonlijk) een afwijzen van het geval als een rariteit. Het doet geen goed om iets te vrezen dat zo goedaardig is, specifiek als je er echt niet kunt op vooruit lopen en er zeker ook geen controle op is. 

Het mysterie gaat verder en gaat door zich te verdiepen.

Het vervolg van Clara in het boek  CONVOLUTED UNIVERSE. (pag 120)

D: Heb je het gevoel van gaan, bewegen of van ergens naar toegaan? 
C: Ja, omhoog gaan. Ascenderen, opstijgen. Van gaan naar een andere plaats en naar een andere tijd.
D: Laten we eens zien waar je naar toe gaat.
C: (Aarzeling)  Het is net, het is alsof ik ben geland. Het ziet eruit als een plaats waar…  (diepe zucht) Het is heel moeilijk om dit te beschrijven. 

Ze had problemen de woorden te vinden voor haar omgeving. Maar ze scheen op heel vlak terrein te zijn geland waar diverse spiralen/punten waren. ”Die als gebouwen zijn. Grijs als graniet. Het is vonkelend van kleuren, maar ze zijn grijzer. Vonkelen als graniet.”
D: Wil je daar naar toe gaan?
C: Ja, dat wil ik, maar ik voel me wat schoorvoetend. Dit is zo geweldig. (ze werd emotioneel en begon te huilen) Om hier te zijn. Het is net of…( ze begon  openlijk te huilen.)

Het was moeilijk te begrijpen  waarom het zien van dit landschap haar zo  emotioneel zou maken. 

C: Ik heb nooit gedacht dat ik dit terug zou zien. (Ze snikte en huilde).
D: Leg uit wat je bedoelt.
C: Het is alsof ik thuis kom. (Ze huilde hardop)
D: En dit is een plek die je kent?
C: (Snikkend) Ja. Ik ken het. Maar het is van ver, ver weg in de tijd. En ik wist niet zeker of ik hier ooit weer terug zou komen. (Snikkend) Dit is een heel goed gevoel.

Toen ik probeerde haar rustig te maken liepen er rillingen over mijn rug. Het was net een déjà vu. Dit klonk net als hetzelfde landschap en dezelfde emotionele ervaring die Phil had toen hij naar de Planeet van de Drie Spiralen ging. Dit was de plaats die hij “thuis” noemde en hij wist dat hij daar heel lang niet meer was geweest, en dacht dat hij dat nooit meer terug zou zien. Dit werd verteld in ‘Keepers of the Garden’. Zou Clara naar diezelfde plek zijn gegaan?

D: Zie jij ergens mensen?
C: (Sniffend) Nee, ik zie niemand nu. Ik kwam net… (ze probeerde zichzelf bijeen te rapen)
D: Je bedoelt dit was een verrassing. Onverwachts.
C: Ik ben heel erg verrast. Ik… ik dacht niet dat ik hier ooit terug zou komen. En het lijkt zo plotseling dat ik hier ben. .. Alsof ik een hele lange weg had te gaan. En door een lange tijd. (ze was nog steeds emotioneel) Om hier nu te zijn (huilend).
D: Dit lijkt een hele speciale plaats. (ik wist dat ik haar voorbij deze emotie moest brengen voordat we met het verhaal verder konden gaan. ) Vertel me wat er gebeurt.
C: Ik ben aan het kijken, en het is alsof ik met dit licht naar deze plek kwam. En …(pauze…)  Ik zie mensen. 
D: Waar zijn die mensen?
C: (ze werd rustig). Het is een groep mensen en ze komen om de gebouwen heen.
D: Zien ze jou?
C: Ja. en ik zie er heel vreemd uit voor hen. (ze snikt weer) 
D: Waarom zie jij er vreemd uit voor hen?
C: Omdat ik er niet grijs uit zie, zoals zij. Ik ben licht. Ik ben dit wezen van licht. En zij zijn nieuwsgierig. Maar ik ben ook nieuwsgierig. Om te zien waar dit op lijkt?
D: Hoe zien ze eruit?
C: Ze hebben bruine hoofden en… (handbewegingen) Hun hoofden zien er zo uit.
D: Ik probeerde haar bewegingen te ontcijferen) je bedoelt meer langwerpig?
C: Een soort van langwerpig. En hun kin komt bijna in een punt uit. En het lijkt alsof het bijna allemaal hoofd is en er is niet veel lichaam. Je ziet gewoon alleen hoofd.
D: Kun je gezichtskenmerken zien?
C: Ik zie het meest de intelligentie. En die is heel …

Ze had problemen om dit uit te leggen, maar tenminste snikte en huilde  ze niet meer

D: Dragen ze iets, kleding? Kun je dat zien? 
C: Het is het als een bodysuit. (een pak om het lichaam heen) Uit één kleur bestaand, grijs, glimmend.
D: En je zegt dat deze groep mensen jou als stralend zien?
C: Ik ben gewoon licht. En zij schijnen nieuwsgierig te zijn naar mijn wezen van licht. Ze zijn heel dichtbij. Ze proberen me aan te raken. En ik ben een beetje bezorgd. Ik weet niet wat er gaat gebeuren. Ze proberen me aan te raken.
D: Kun je hun handen zien?
C: Yeah. Ze zijn wat dun, mager, gewoon…. Oh, de vingers. Ik zie er drie en dan is er nog een heel klein vingertje. Het is bijna niks, bijna een stompje. En ze willen me alleen aanraken.
D: Kunnen ze het licht aanraken?
C: Ja, en het voelt gewoon liefdevol.
D: Maar je was wat bezorgd.
C: Ja. En terwijl ze dichterbij komen is het… (haar gezichtsuitdrukkingen en geluiden waren die van iemand die een plezierige belevenis had). Ze zijn heel nieuwsgierig.
D: Maar het hindert je niet?
C: Nee, het is okay.
D: Begrijpen zij wie jij bent?
C: Ze schijnen te weten wat ik ben, en wie ik ben. en dus lopen we samen terug naar de gebouwen. Ze vertellen me dat ik een van hen ben. Maar ik ben van deze plek weggegaan als onderzoeker om informatie te verzamelen. En dat ik uiteindelijk als een lichtwezen moest gaan. En nu heb ik die informatie verzameld en ben ik teruggekomen om deze informatie naar dit land te brengen. 
D: Ben je heel lang weggeweest?
C: Een hele lange tijd. Ze zeiden dat ze nieuwsgierig waren. Ze wisten niet zeker of ik het was, die ene die gestuurd werd om informatie te verzamelen. Nu herkennen ze me. Ze weten dat ik diegene ben die is uitgezonden. 
D: Zijn er veel mensen uitgezonden om deze dingen te doen?
C: Een in elk millennium of twee, ongeveer
D: Waarom wilden zij dat je die informatie verzamelde? 
C: Om de kennis te verkrijgen die verder dan deze plaats ligt, zodat de kennis bewaard blijft. Dat die niet verloren raakt. 
D: Je bedoelt dat het kennis is die geen deel van hun geschiedenis is?
C;: Ja. Geschiedenis en kennis van een andere tijd en ruimte.
D: Waarom zijn zij geïnteresseerd om die op te halen, als het hun geschiedenis niet is?
C: Omdat zij van deze plaats die ze niet kenden, hebben gehoord en omdat ze van die kennis kunnen leren. Die moest niet verloren raken.
D: Toen wilden ze dat jij nieuwe informatie ging ontdekken die zij niet hadden?
C: Nieuwe informatie van een andere plaats die ze niet kenden. Die ze konden verzamelen.
D: Hadden ze geen andere manier om die informatie te krijgen?
C: Van tijd tot tijd selecteren deze wezens hun gekozenen. En zij verkozen naar andere galaxies te gaan, naar andere tijden en plaatsen in de ruimte, voor informatie over tijd en ruimte en plaats. En om die mee terug te brengen naar deze plaats van zijn. Om te leren, om te groeien. Om zich te verbreden. Want als deze tijd leert om zich te verbreden en te groeien, scheidt die zich af. Dan wordt het een andere tijd en ruimte. 
D: Je bedoelt dat die zich alleen kan verbreden door kennis?
C: Door kennis. 
D: Hebben zij manieren om naar andere plaatsen te reizen om kennis te verkrijgen? 
C: Ze gaan omhoog met stralen van licht. De lichtstralen zijn soms langwerpige, ronde bollen. Vanuit een dimensie zien ze er zilverachtig uit. En vanuit een andere richting zien ze er rond uit. En ze zijn als een zilveren disk/schijf. En dan glijd je gewoon door de lucht.
D: Zijn zij vast, stoffelijk?
C: Ja, ja. 
D: Omdat je ook zei dat ze als stralen van licht zijn.
C: Dat zijn ze. Ze kunnen solide/vast zijn of ze kunnen zuivere energie zijn. Wat er maar juist is voor die plek. We kunnen zuivere energie zijn of we kunnen een vaste schijf/disk zijn om te komen waar we moeten zijn. 
D: Waren ze niet in staat om dit soort “apparatuur”(equipment)te gebruiken om zelf kennis te verzamelen?
C: Dat konden ze. Maar er werd een wezen uitgekozen om te gaan, en een wezen werd gekozen om te gaan, voor die ervaring.
D: Je bedoelt, als ze met hun machinerie gaan dan konden ze het niet ervaren?
C: Nee. Het wezen gaat en dat kan de disk zijn, of het voertuig, of het kan gewoon het wezen zijn. Het wezen kan het voertuig zijn of het voertuig kan het wezen zijn
D: Dan hoeft het niet een stoffelijke vorm te hebben? (Nee)  Maar toch zie je hen in stoffelijke vorm.
C: Ze worden de stoffelijke vorm opdat ik hen zal herkennen zoals ze waren in de tijd toen ik wegging. 
D: Dus, sedert jij weg ging hadden ze deze stoffelijke vorm niet meer nodig? Is dat correct?
C; Ze hoeven de stoffelijke vorm niet, maar ze werden de stoffelijke vorm zodat ik zou herkennen dat zij opgestegen zijn sedert ik was weggegaan naar een plaats waar ze zuivere energie kunnen zijn. zodat ik hen zal herkennen zoals ze waren toen ik in die tijd weg ging.  Toen was ik een wezens zoals zij.
D: En sedert jij weg was, zijn zij veranderd naar waar ze het lichaam niet meer nodig hebben?
C: Als zij dat willen. Als ze zuivere energie willen zijn, kunnen ze zuivere energie zijn. Of ze kunnen het lichaam zijn, of de disk, het voertuig.
D: Maar ze hebben nog wel iets nodig om in te reizen?
C: Nee, niet noodzakelijk. Ik kwam terug met zuiver licht vanuit de andere tijd en andere ruimte. Het voorwerp dat ze me laten zien is zo dat ik me zal herinneren terug te komen naar deze stratosfeer, dit… er is geen atmosfeer. Het is gewoon…. 
D: Die dimensie, of wereld waarin of waarop ze leven?
C: Ja. Deze wereld waarop ze wonen, dus zal ik herkennen dat we de disk gebruikt hebben. We kunnen nog steeds de disk gebruiken als we naar een andere wereld moeten gaan. We kunnen de disk gebruiken of we kunnen gewoon zuivere energie gebruiken. Het is voor mijn herinnering aan de vroegere tijd toen ik dit hier wegging. 
D: Maar nog steeds de beste manier om kennis te winnen is om iemand zoals jij die weggaat en die dat absorbeert? Is dat een goed woord? 
C: Dat is een goed woord. Het absorberen, ja. 
D: En nou ben je teruggekomen om dat met hen te delen. Maar je bent niet terug gekomen om bij hen te blijven?  
C: Dat wordt beslist op een andere tijd, of ik blijf of dat ik weer naar een andere wereld ga om meer informatie of kennis te krijgen.
D: All right. Maar je zei, ze nemen je ergens mee naar toe?
C: We gaan die kamer in, die rond is. We zitten aan een ronde tafel. Het is als een raad van wezens. En daar deel ik de informatie mee die ik vergaard heb van die andere werelden waarin ik ben geweest.
D: Hoe deel je die informatie mee?
C:We zitten in… zoals een stoffelijke vorm. (ze had een probleem om dit uit te leggen maar toch glimlachte ze). We kunnen de informatie delen op een telepathisch niveau of we kunnen verbaal praten. De gedachtepatronen … gedachte communicatie wordt soms onderbroken door iemand die in de groep naar voren komt en iets zegt dat … (ze glimlacht weer) humoristisch is. Een beetje interplanetaire humor hier.
D: Is het iets dat jij zei dat zij humoristisch vinden?
C: Ja. En zij zeggen iets dat ik humoristisch vind. Dus we brengen de informatie in een computerbank. Het geeft de informatie die is verzameld en geleerd is, telepathisch door in hun computerbanken, de opslag in hun systemen. 

(Dolores: Dit gebeurde ook met Bonnie toen wezens haar auto van de snelweg oppikten(met haar erin) tot in een enorm toestel. Met behulp van een apparaat dat ze op haar hoofd zetten, dupliceerden en brachten ze haar herinneringen over naar een soort computer. Dit werd in THE CUSTODIANS gerapporteerd.) 

D: Kun jij die systemen zien? Zitten die in die ruimte?
C; Nee, dat zit in hun hersenen, in hun denken en hun wezen.
D: Dus, de informatie wordt overgebracht van jouw denken naar hun denken. (Ja)  De informatie van alle werelden die jij bezocht hebt sinds je wegging. (Ja) Alle levens die je geleefd hebt, of van werelden?
C: Alleen van werelden.
D: Dus dan woonde je feitelijk niet op al die werelden waar je met hen over praat?
C: Er zijn andere tijden/keren waarin ik wel naar andere werelden ben geweest. maar deze keer ging ik alleen naar een wereld om informatie en kennis over die cultuur, en over die wereld, en over dat systeem, te verzamelen. En om dat mee terug te brengen. Dit schijnt een plaats te zijn waar informatie wordt verzameld uit alle andere werelden. En dat wordt dan naar deze plek gebracht. het is net een reuzegrote plaats waar alle kennis wordt opgeslagen uit alle universa, uit alle galaxies, uit alle plaatsen die bestaan. Als een verzamelplaats. Zoals een enorme bibliotheek van informatie uit alle tijden en alle ruimtes. 
D: Wie heeft toegang tot deze informatie, als die daar is opgeslagen?
C: Iedereen heeft dat. Iedereen in alle galaxies kunnen dat, als ze weten hoe ze daar uit kunnen tappen. Het is een bronnen centrum. Iedereen kan er uit tappen. Je hoeft er alleen een sleutel voor te hebben.
D: En jij ben er nu deel van door de informatie door te geven die je gevonden hebt. Maar toen je naar een wereld ging, zei je, om informatie te halen, welke wereld was dat dan?
C: Die wereld was de Aarde.
D: Moest je levens leven op Aarde om informatie te krijgen/  (Ja) Je moet dan heel veel informatie hebben om mee te delen?
C: (Diepe zucht) Meer dan ik dacht dat mogelijk was.
D:  Maar het klinkt alsof het heel snel wordt overgebracht.
C: Ja. Het gaat sneller dan de snelheid van licht. Want weet je, het nam veel, veel tijd en levens in beslag om die informatie te verkrijgen, en op dit bronnencentrum of deze plek waar ik nu ben, is het alsof dit heel snel kan verspreid worden. Dat kan worden overgebracht. Het kan door mijn systeem stromen naar die plek waar het moet zijn, op een hele snelle tijd en ruimte, omdat alles hier (het) NU is. Alles gebeurt hier nu. 
D: En de informatie is daar veilig, omdat die wordt opgeslagen in deze wezens?
C: In deze wezens en in alles dat hier bestaat. In de rotsen, in de gebouwen, alles absorbeert de informatie. Het is alsof alles een computerbank is Alles absorbeert de kennis. Alles wordt deze kennis. Alles wordt alles wat ik mee terugbreng.
D: Als iemand zoals ik die informatie wilde vinden, hoe kan die worden gewonnen?
C: Er is een speciale sleutel voor. Een sleutel om gewoon in jezelf te gaan, omdat het in jezelf gaan de sleutel is voor die kennis, en dit is de plek waar alle kennis is. En iemand, ieder wezen uit elke tijd en iedere plek, kan daar door hun eigen wens toegang toe krijgen.
D: Je bedoelt dat ze de kennis eerst moeten willen?
C: Ja, en de kennis komt via liefde, door liefde. Je hoeft niet naar deze plaats te gaan waar ik nu ben, waar deze wezens zijn. Gewoon vragen naar die kennis en dat zal je dat worden gegeven.
D: Het lijkt dat je een zeer belangrijke taak uitvoert.
C:Dat is mijn bedoeling. Dat is waarom ik tot aanzijn kwam om te zijn en te doen. 
D: Blijf je daar dan heel lang met deze wezens van energie? 
C: Altijd.

Dit was een schok voor me. Als zij daar bleef, wat dan met dit lichaam van Clara waar ik tegen sprak en dat op het bed lag in Hollywood? Kon een deel van haar daar blijven en ook hier tegelijkertijd zijn? Ik maak me altijd zorgen om geen schade te brengen aan een subject, en dit was een vreemd antwoord. 

D: Ik bedoel, blijf je gewoon daar totdat ze de kennis hebben teruggehaald?
C: Nee. Ik zal hier zijn tot een volgende opdracht naar een volgende plek of naar een andere tijd. Dat kan informatie verzamelen zijn uit een andere wereld zoals de Aarde, een andere plek.
D: Maar ik denk aan het lichaam waartegen  ik, in deze tijd,  spreek op Aarde. het lichaam van Clara. Zal deze energie waar ik tegen spreek terugkeren naar dat lichaam? Of is die gescheiden/apart? Ik probeer te begrijpen wat er gebeurt?
C: Het is een en hetzelfde.
D: Maar toch zeg je dat de energie daar blijft tot een volgende opdracht?
C: Dat is correct.
D: Maar toch is het ook deel van dit lichaam op Aarde?
C: Dat is correct.
D: Hoe kan het op twee plaatsen zijn tegelijkertijd? Kan ik dat begrijpen?
C: (diepe zucht) Zij begrijpt het niet.
D: Is er een manier waarop je ons dit kan helpen begrijpen?
C: (doelbewust)  Zij werd gezonden om in een lichaam te zijn en om informatie te verzamelen. Ik ben een deel van haar die informatie heeft verzameld en die dit nu terug brengt naar deze plaats van kennis. Dit broncentrum. Deze bibliotheek. Ze heeft een groot probleem om te begrijpen en te leren dat zij hier kan zijn informatie verzamelend en dat ik hier kan zijn en die informatie kan verspreiden, of om informatie mee terug te brengen. En dus is er een tijd waar – voor haar- een splitsing is van energie. Niet wetend of ze op de ene of andere plek zit.
D: Gebeurt dit ook bij andere mensen zo?
C: Ja. Er zijn anderen die gelijksoortige levens beleven.
D: Het gevoel van in twee levens te zitten, tegelijkertijd. 
C: Omdat er talloze wezens werden uitgezonden. Het zou een geweldige verantwoordelijkheid en taak zijn voor een persoon om alle die informatie bijeen te brengen.
D: Dat zou bijna onmogelijk zijn, denk ik.
C: Ja, ja. Dus zijn er veel wezens. En er zijn weer andere wezens die naar andere werelden gaan terwijl ik hier tegelijkertijd ben, en dat Clara daar is in die vorm. Ik hoop dat zij meer informatie verzameld in die stoffelijke vorm om door te geven aan het deel van haar dat ik ben, die de informatie hier brengt. 

Dit ging me boven mijn pet en dat zou verdere studie nodig hebben. Ik dacht dat ik terug moest keren naar de ervaring die we in de eerste plaats aan het uitzoeken waren.

D: Ben jij in de positie om uit te leggen wat er gebeurde toen zij langs die weg op Hawaii reed, toen die overdracht plaats vond? Is haar fysieke lichaam op die tijd nog in die auto? (Geen antwoord) We kijken terug naar die tijd, toen zij die weg afreed en bij dat park kwam.
D: Zij werd op die tijd en naar die plaats toegezonden. Omdat die plaats daar werd gematerialiseerd ten gunste van haar, zodat ze die ruimte in kon gaan, zodat het deel dat ik ben kon vertrekken en de informatie naar hier in het informatiecentrum kon brengen.  En toen was het niet juist op die tijd, als de informatie hier werd verspreid, dat zij terug keert naar die specifieke plek. Dus werd zij meegenomen naar een plek die zij, in dat stoffelijke lichaam, kende op die highway. Pelanoni (fonetisch) een plek die zij kende, dus daar was de auto en zij zou weten hoe ze moest komen waar ze naar toe ging, toen het deel van die ik ben haar stoffelijke lichaam verliet. 
D: Dus dan moest de overdracht op een bepaalde plaats in die tijd op Hawaii zijn?
C: Niet noodzakelijk. Dat was juist een plaats waar zij zich aangenaam voelde in het stoffelijke lichaam. En die plek die voor haar was gecreëerd was een plaats van grote schoonheid voor haar. En dus was het een plaats waar ze totaal en compleet ontspannen was, zodat de overdracht van het deel dat ik ben van haar, haar lichaam kon verlaten en naar boven kon gaan om de informatie over te brengen.
D: Toen werd de auto en haar stoffelijke lichaam in de auto stoffelijk meegenomen naar die andere highway aan de andere kant van het eiland? 
C: Dat is correct.  Het werd gewoon ge-dématerialiseerd en toen terug gematerialiseerd op een andere plek.
D: Is dit gewoon om auto’s en mensen te verplaatsen van een plaats naar een andere?
C; Oh, ja. Oh, ja. 
D: Gebeurt dit vaak?
C: Heel vaak, heel vaak. 
D: Als dit gebeurt, is het stoffelijke lichaam dan ge-dématerialiseerd en ook opnieuw gematerialiseerd? (Ja)  en dan gebeurt er geen schade aan het lichaam.
C: Geen schade. Het wordt zuivere energie.
D: En zij en het voertuig werden gewoon van de ene naar de andere plaats gebracht.
C: Dat is correct.
D: Dus toen zij zich weer bewust was, was ze op een andere plaats op het eiland. En ze reed toen op die tijd. (Ja) en zij had geen herinnering tot aan nu van wat er gebeurde?
C: Dat is juist.
D: Is dit de enige keer dat dit in  haar leven als Clara is gebeurd? 
C: Het is heel vaak gebeurd. Maar deze keer was ze op een plaats en tijd in haar leven waarin  ze open was om te onderzoeken, om te zien wat er gebeurde, en hoe dit kon zijn gebeurd. De andere keren waren geen keren dat ze klaar was om te kunnen begrijpen of in een groeitijd in haar Aardse stoffelijke leven zat waarop ze een begrip had kunnen hebben van wat er gebeurde. 
D: En dan was het waarschijnlijk ook niet zo merkbaar waardoor ze zich dit zou herinneren?
C: Dat is correct. 
D: Is het nu all right voor haar om de informatie nu wel te weten?
C: Ja. Ze kan nu de informatie kennen. Zij verlangt naar het kennen van de informatie. Ze zal het nu begrijpen. Het moet een blije weldaad voor haar worden. 
D: Dat is zeer belangrijk. Zou het goed zijn als ik nog een keer kom en met dit deel van haar praat?
C: Oh,ja. We houden van communiceren. Dat is wat ons werk is, communiceren.
D: Omdat anderen me hebben verteld dat als ik informatie wilde, ik toegang zou krijgen tot wat ik moest weten.
C: Dat is juist. Jij hebt een speciaal talent en een speciale gave die aan je is gegeven. Om informatie te verzamelen die werd stilgehouden, die werd onderdrukt, die werd verborgen, die werd weggestopt, al eonen lang. En het is nu de tijd, en wij doen deze communicatie via dit voertuig, met jou, zodat je weet en dat je je er van bewust bent dat je een groots werk doet. En dit is op de juiste tijd op planeet Aarde dat je de informatie verspreidt op de manier waarop je werd gekozen om dit te doen. En om deze kennis via deze bronnen te laten komen, zodat anderen zullen weten dat iedereen in staat is om daar dieper in te duiken, waardoor ze meer leren over zichzelf. En het verleden en de toekomst, en alles dat er gebeurt in alle universums. Dus ja, jij hebt toegang tot alle informatie in het bronnencentrum. En wij erkennen jou.     -

Vertaling: Winny  

Wednesday, March 6, 2013

Dolores Cannon - Deel 3




DOLORES CANNON

Dingen zijn niet altijd wat ze lijken te zijn.


Deel 3   




Willy Schreiber was de eerste schrijver die de term “film herinneringen” gebruikte, in verband met UFO’s en aliens. Dit is een herinnering van een gebeuren of iets dat niet juist is. Soms werd het boven(over) iets heen geplaatst wat echt aan het gebeuren is en wat het denken anders interpreteert. Vaak wordt het geïnterpreteerd op een veiliger en vriendelijker manier, zodat de persoon niet bang wordt of getraumatiseerd raakt.
Toen ik hier van hoorde, dacht ik dat het een stuk was van het onderbewuste deel van het defensie systeem van het denken, diens methode om de psyche te beschermen voor iets dat het als schadelijk beschouwt om zich te herinneren, of om dat in zijn ware vorm te zien. Vaak houden deze film herinneringen dieren in. Ik heb diverse gevallen gehad waar dit bij scheen te gebeuren, waar een “bovenste laag”, zoals ik dat dan noem over de feitelijke scene werd gelegd. Om een of andere reden treden uilen prominent op bij dit fenomeen. In “Keepers of the Garden” schrok Phil laat op de avond toen er een uil over de highway naar beneden kwam
en toen over zijn auto schoot. Onder hypnose ontdekten we dat het helemaal geen uil was, maar een alien voertuig dat hem dwong te stoppen. Zijn onderbewustzijn had de scène vermomd  op een vriendelijker wijze zodat hij zich niet zou herinneren wat er eigenlijk was gebeurd.

In het geval wat ik zal gaan vertellen, schijnen die “bovenlaag”herinneringen  ook betrokken te zijn bij missende tijd. Ik had Brenda al diverse jaren gekend en zij was de hoofdverbinding  in mijn werk met Nostradamus. We waren betrokken bij dat werk toen ik ook begon te werken als een UFO onderzoeker door hypnose te gebruiken in vermoedelijke ontvoeringszaken..
Op een dag in januari 1989 toen ik naar haar huis ging voor onze regelmatige sessie wilde ze me vertellen over een ongewoon incident dat in maart 1988 was gebeurd.  Zij vond het vreemd, maar om een of andere reden had ze me dit niet eerder verteld. Ze dacht dat ik er nu meer geïnteresseerd voor zou zijn omdat ik meer betrokken werd bij het UFO fenomeen. Ze wist niet of ik verbonden was bij UFO’s of aliens maar er was absoluut wel missende tijd en er was een uil bij betrokken.

Ze reed naar huis van haar werk in Fayetteville, een rit die normaal een half uur kostte en ze  was al in het zicht van haar huis op het land, toen het geval zich voordeed. De zon was al onder maar het was nog niet echt donker. Ze kwam om een bocht heen en daar was een uil die precies in het midden van haar laan stond. Het was geen normaal soort uil met een bruine kleur die gewoonlijk werd gezien in ons gebied. Er stonden schitterende wit met zilveren highlights op zijn borst en zijn ogen waren heel erg zwart. Het was absoluut prachtig en zij remde af zodat ze hem niet zou raken. Ze naam aan dat dit het soort “sneeuwuil” was, die normaal in koudere klimaten wordt gezien, zoals in Canada of in de noordelijke staten. Een zoöloog zei me later dat het mogelijk is dat een sneeuwuil in Arkansas gezien kan worden, in hartje winter, maar niet in de lente. Dit zou een raar geval zijn als het een echte uil was.

Toen ze hem voor het eerst zag, stond zijn kop de andere kant uit, maar hij draaide zijn hoofd om, om naar haar te kijken. Toen sloeg hij met zijn vleugels en vloog recht naar de truck. De spanbreedte van zijn vleugels was zo groot als de voorruit. Dat liet haar schrikken, en toen hij over het dak van de truck scheerde, draaide Brenda zich om, om door het achterraam te kijken. Maar daar was niks. Geen teken van een uil, geen teken van een of andere vogel. Toen Brenda zich weer omdraaide  was ze geschokt te zien dat het buiten al donker was. Het ging door haar hoofd dat het vast heel snel duister was geworden. Totaal in de war moest ze haar koplampen aandoen om de laatste halve kilometer naar haar huis te rijden.
Toen ze haar huis binnenkwam, keek ze naar de klok, uit gewoonte. In plaats van ongeveer 17: 30 u. zoals het had moeten zijn, maar was het bijna 19:00 uur. Wat was er gebeurd in die anderhalve uur? Ze wist heel zeker hoe laat ze van haar werk was gekomen.
Ze dacht dit is een bijzonder incident en ze had gehoord dat als er iets raars is dat gebeurt, dat er iets uit je bewuste herinnering geblokkeerd kan zijn.
Ik vroeg haar of er nog meer anders was.
De hoofdzaak was dat zij zich herinnerde dat ze enkele dagen daarna een vreemd effect had gehad op elektrische apparatuur. Dit was soms eerder gebeurd bij haar, in het verleden. Ze kan geen horloge dragen vanwege haar elektrische veld, of wat het ook is. Maar de sensaties waren nog nooit zo intens of duurden nooit zo lang. Deze keer functioneerde  alles dat elektrisch was, verkeerd. Enkele dagen ging haar tv in of out focus als ze zich bewoog. Op het werk bleef de computer flipperen en klokken en de calculator deden vreemde dingen die ze niet moesten doen. Ze dacht dat haar elektrisch veld sterker uitwisselde dan gewoonlijk met de apparatuur en ze was veel gevoeliger voor geluid. Haar natuurlijk horen ging naar de bovenste grenzen van het normale horen. Zij kan hogere frequenties horen en enkele dagen bleef ze specifiek sensitief voor deze hogere frequenties  die de meeste mensen niet kunnen horen.  Ze zei dat de telefoon een van die gekke dingen was. Ze zei dat dit een hoog piepend  bliepje gaf , vlak voordat deze begint te rinkelen en de meeste mensen horen dat niet. Dus zij nam de telefoon op voordat die begon te rinkelen. Dit was verwarrend voor haar baas die zei: “Alsjeblieft Brenda, ga zitten. Laat de telefoon rinkelen voordat jij hem opneemt.
Ze kon ook een hoog piepend geluid horen die bepaalde veiligheidsystemen maken in winkels. Dit klonk zo luid voor haar  dat het haar trommelvliezen pijn deed, alhoewel niemand anders dit kon horen. Ze probeerde om uit het winkelcentrum te blijven totdat die dingen weer normaal werden.
Als ze thuis een klok pakte om die op te winden, dan was dat genoeg om de klok kapot te maken . Op het werk waren de klokken elektrisch en zij mocht ze niet aanraken.  Gewoon in dezelfde ruimte zijn was al genoeg om hen gekke dingen te laten doen.  Die klokken werden nooit meer helemaal hersteld.  De klok op de magnetron op het werk, schiep ook een probleem. Het zond luide bliepjes uit als zij de nummers begon in te stellen van de timer. Ze hoefde ze niet eens aan te raken, ze hoefde er alleen maar naar toe te reiken. Die vreemde effecten bij elektrische apparatuur gingen vier dagen daarna door en toen nam dat wat af.

We besloten om deze sessie te wijden aan het ontdekken van er was gebeurd in die missende tijd, in plaats van onze regelmatige experimenten met Nostradamus te doen. Ze dacht dat het haar niks zou uitmaken of ze ontdekte of er iets onorthodox was gebeurd.
Toen we begonnen met de sessie nam ik haar mee naar het laatste deel van maart 1988 en ze kwam onmiddellijk de scene binnen waarin ze haar truck naar huis reed.  Langs die weg besprak ze het werk van die dag met zichzelf en dat ze zich zorgen maakte over haar moeder die pas een auto ongeluk had gehad. Dat waren haar gedachten toen ze reed. Ze was ook moe en verlangde naar huis, om een heet bad te nemen en zich dan te ontspannen.
Ze was bijna thuis toen ze om een bocht kwam en iets zag staan midden op haar laan.. Ze stopte de truck zodat ze het niet zou overrijden. In haar bewuste herinnering van dat gebeuren dacht ze dat ze alleen maar had afgeremd, maar ze zei nu dat ze totaal stil was gaan staan. Nog een verrassing was dat wat ze op de weg zag  geen uil was.

D: Wat is er op de weg?
B: Dat is moeilijk te zeggen. Ik denk dat als we in oude tijden leefden ik zou zeggen dat ik het een engel zou noemen.
D: (verrast) Een engel?
B: Een wezen uit een hoger plan dan? Ik zie een man staan midden  op mijn laan. Hij gloeit wit… helemaal. En zijn kleren lijken ook wit te zijn.
D: Bedoel je dat de gloed helemaal om zijn lichaam zit, zoals een aura om hem heen?
B: Zoiets. (Ze vond het moeilijk om het uit te leggen) Het is een soort van zoals een zwart-wit plaatje dat aan een beetje teveel licht is blootgesteld. Weet je, helemaal gekleurd en dat er wit uitstraalde.
D: Het is niet zoals een gloed van een licht?
B: Nou,het is moeilijk te beschrijven, omdat het een soort van zoiets als een aura is.  En ook zoiets als aan foto die aan teveel licht is blootgesteld, of dat allemaal en dan ingerold.
D: En zijn kleren zijn ook wit?
B: Ten minste, zo zien ze er voor mij uit. Het kan zijn dat ik niet in staat ben om kleuren juist  waar te nemen,  omdat hij zoveel licht om zich heen heeft. Zelfs zijn haren gloeien wit.
D: Kun je zien wat voor soort kenmerken hij heeft?
B: Dat is moeilijk te zeggen omdat er zoveel licht is. Het best dat ik kan zeggen is dat ze klassiek Grieks lijken zoals je ziet op klassieke Griekse beelden. Heel gelijkmatig, met een glad voorhoofd en een mooie rechte neus, en heel evenwichtige kenmerken.
D: Hoe groot is hij ongeveer?
B: Een meter tachtig en nog wat. Een 1. 87m.
D: Dan is hij groot.
B: Hij is best een grote kerel, ja. Hij staat daar en kijkt om zich heen. En dan kan ik stralen uit zijn ogen zien komen. Als hij naar mij kijkt, dan kan ik die niet zien. maar als hij naar de zijkant kijkt, dan zie ik stralen uit zijn ogen komen. Ik weet de bedoeling niet van die stralen. En hij ziet mij. Ik ben gestopt zodat ik hem niet zou aanrijden. Ik wilde hem geen schade berokkenen. En toen kwam hij naar de truck toe. Toen hij naar de bestuurskant liep, maakte hij een beweging over de truck en toen veegde langs de kap van de truck, en veegde het toen parallel naar de voorruit. Zijn hand was ongeveer zes tot acht inches boven de truck toen hij dat deed. (15 tot 20 cm boven)

Dit was duidelijk wat haar bewuste denken opnam als een uil die laag over de truck vloog. Het was duidelijk dat de foute laag van de witte uil uit haar bewuste denken kwam, omdat ze in trance geen aarzeling had om die als een persoon te identificeren. Ze noemde geen uil  

B: En ik draaide het raampje naar beneden om te zien of hij een rit nodig had of zoiets.

Dat leek me een vreemde reactie na het zien van zo’n ongewone persoon. Het zou normaal zijn geweest als het op een stoffelijke mens had geleken, maar dat deed het niet. De verwachte reactie zou zijn geweest om de motor aan te zetten en daar vandaan te gaan. Het leek zeker ongewoon om het raampje naar beneden te draaien om tegen dat gloeiende wezen te spreken. Duidelijk inspireerde het haar niet tot angst en ze voelde geen gevaar. Ik vroeg haar of haar dat zorgen maakte.
B: Het was vreemd, maar ik was nieuwsgierig over wie hij was en wat hij aan het doen was. En ik bedacht als hij kwaad wilde, had hij me allang doodgemaakt. Ik bedacht dat omdat hij zo gloeide en met dat licht dat uit zijn ogen kwam, had hij me al verpletterd van waar hij stond, dat kon hij waarschijnlijk zo.
D: Dus, je bent niet bang van hem?
B: Nou, ik was wel bezorgd misschien wat nerveus. Maar ik was niet in paniek of zoiets. En ik vroeg hem of hij hulp nodig had, of hij een rit ergens naar toe wilde. En hij zei: “Oh, bless you, child. Ik waardeer je aanbod. Mijn vervoer is daar achter.” Hij wees naar een heuvel die naast de weg lag.
D: Kon je iets zien?
B: Nee. Ik zag alleen die heuvel. Daar stonden besy veel cederbomen aan deze kant. Door de manier waarop hij wees, kreeg ik het gevoel dat als daar iets was, dan was het aan de achterkant van die heuvel, misschien vlak over de top. Waar het dus in ieder geval buiten zicht was.

B: Ik vroeg hem “Wie bent u? Ik kan het niet helpen maar ik merk dat uw verschijning anders is dan die van mij. Bent u een buitenaardse bezoeker of komt u uit een hoger plan?” En hij zei dat hij van de raad van ouderen was. Ik vroeg: “Wat is dat voor soort raad? Raden zijn er normaal om een groep raad te geven of om een groep te houden.” En hij zei dat diverse bezoekers naar diverse delen van de Aarde waren gegaan en tegenstrijdige rapporten hadden gebracht over hoe ver de Aarde zich had ontwikkeld.  Er is een groep die een open contact wil hebben met de mensheid, en er is een andere groep die de mensheid in onwetendheid wil laten  zoals die nu is.  En daar hij deel is van de raad van ouderen, besloten ze dat hij zelf zou komen om te zien hoe de dingen waren op Aarde. Het is eerder een verborgen soort missie, een uitvinden van feiten-missie, kun je het noemen. Dus ze hebben dan meer informatie nodig om hun beslissing op te baseren, of ze de Aarde in onwetendheid zouden laten of om met de mensheid contact te leggen en hen met licht, gezondheid en kennis in contact te brengen.

(Winny:  Dit gebeurde in 1988.  In 1992 kregen wij hier boodschappen van Maria die vertelden dat als we nu niet zouden beginnen, dan zou de Aarde grote veranderingen krijgen en zouden de mensen het overwegend niet redden…… We zijn toen ook werkelijk begonnen mensen wakker te maken. Dit verhaal klopt dus ook met ons verhaal.)

D: Is dat wat je bedoelde met “onwetendheid”?
B: Nou, ook al vermoedt de mensheid het en sommigen willen het graag en dromen dat er buitenaards leven bestaat, het grootste deel, voor zover het regeringslui betreft, vinden dat zoiets niet bestaat. Dat bedoelen ze met onwetendheid, door dat feit dus niet te accepteren. Ze hebben erover gedacht om contact te leggen met de mensheid op een wijze waar ze mee om konden gaan, dat dit ook zonder twijfel zou betekenen dat er buitenaardse intelligentie is. En deze leven hun eigen leven tot aan de tijd dat de mensheid hen voldoende inhaalt om in staat te zijn zich bij hen te voegen.
D: Deed hij deze communicatie met jou door woorden uit te spreken?
B: Nee, niet echt. Ik denk dat je het een “telepathische stem”kunt noemen. Ik kon hem heel duidelijk horen, alsof hij sprak maar zijn mond bewoog niet. Ik neem aan dat hij zijn gedachten in mijn geest projecteerde, maar ik kon dat wel waarnemen als een heel plezierig klinkende stem.
D: En wat gebeurde er toen?
B:Hij zei dat hij door moest gaan met wat hij aan het doen was en dat ik naar huis moest gaan. Er was niets dat ik kon doen om hem te helpen. Toen zwaaide hij zijn hand voor mijn ogen. En toen hij dat deed - ik denk dat hij dat deed met zijn mentale krachten – kon ik hem niet langer meer zien. En ik herinnerde me die ervaring ook niet meer zoals die was gebeurd.
D: Ik vraag me af waarom hij daar midden op straat stond?
B: Ik heb dat nooit echt kunnen uitvinden. Ik kreeg de indruk dat hij naar andere plaatsen ging en de mensheid observeerde en wat er allemaal gebeurde. En ik had het gevoel dat hij nieuwsgierig was over wat er zou gebeuren als hij de kans had om een gemiddeld mens tegen te komen op straat. Of ik in paniek zou raken en probeerde weg te rennen, of dat ik bang zou worden en hem probeerde schade te berokkenen, of zoiets.
D: Nou, er zouden zeker mensen zijn geweest die dat zouden gedaan hebben.
B: Dat is waar. Maar ik denk dat je zegt dat hij een algemeen voorbeeld had genomen. Hij verscheen aan diverse mensen, hier en daar en liet hen dan die ervaring vergeten. Maar hij nam wel hun reacties op over zijn verschijning. Om een idee te krijgen van hoe de mensheid in het algemeen zou reageren bij het zekere weten dat er buitenaards leven was.
D: Toen hij aan de zijkant van de truck was, kon je toen meer details van hem zien?
D: Nou, alles was erg wit en gloeiend. Zijn stijl van kleding was eigenlijk losjes en comfortabel. Eerder zoiets als een kaftan met een poncho erover of zoiets als dat. En hij had een riem om zijn middel gebonden. Zijn kleding leek diverse zakken en tasjes te hebben, zodat hij dingen met zich mee kon nemen. En het leek alsof hij stoffen schoenen aan zijn voeten had, en alhoewel die stof wel een inch dik was, leek die flexibel en zacht. Hij had vloeiende robes aan, maar twee of drie lagen, dus het leek dat hij het warm had,  voor de tijd van het jaar. Het leek dat die gemaakt waren van fijn gesponnen wol of iets dergelijks.
D: Had hij haar?
B: Oh, ja. Het leek op steil wit haar, aan de voorkant geknipt en misschien op schouderlengte achter. Hij gloeide zoveel dat ik echt niet kan zeggen of hij nog specifieke kleuren om zich heen had. Zijn huid en haren zagen er wit uit en zijn ogen leken zilverachtig. En hij was schoon geschoren.
D: Kwamen die stralen nog uit zijn ogen?
B: Nee, niet als hij met mij sprak. Maar als hij rondom in het landschap keek, kwamen er stralen uit zijn ogen.
D: Maar er was niets angstigs aan. Het was alleen maar vreemd?
B: Echt vreemd, maar ik vond het eigenlijk wel leuk, omdat hij het ook niet erg vond dat ik hem vragen stelde.
D: Welke vragen stelde je hem nog meer?
B: Ik vroeg hem of er echt leven daarbuiten was, of ik dat alleen maar hoopte. En hij zei: “Ja, er is echt leven daar buiten en dat is heel gevarieerd.” Er zijn heel veel verschillende rassen wezens die er allemaal anders uit zien en andere vermogens hebben. En dat er verschillende soorten rassen wezens waren die uitkeken naar mensen die hun betrouwbare ruimtetoestellen zouden ontwikkelen, zodat wij bij hen kunnen komen en om deel te zijn van de galactische gemeenschap. En hij zei dat andere rassen specifieke karakteristieken hebben. Sommigen zijn meer strijdlustig dan anderen, en dat sommige rassen meer licht van hart en humoristisch waren. En toen zei hij iets dat ik vreemd vond, maar ook veelbelovend. Hij zei: “Maar jullie zullen dat allemaal ontdekken over een tijdje.” Dus ik dacht dat dit misschien bedoeld was dat de mensheid nog in mijn leven naar de sterren zou uitreiken.
D: Ik vraag me af waar die raad zit? Heb je hem dat gevraagd?
B: Hij zei dat dit niet een speciale plek had. Ze ontmoeten elkaar gewoon waar alle leden dat dan beslissen. Ik kreeg de indruk dat er een specifiek schip was dat van hun was. Het is een heel groot schip en ze zouden op dat schip elkaar meestal ontmoeten om hun zaken uit te voeren.  Maar de raadsleden komen uit allerlei verschillende planeten, om diverse verschillende rassen te vertegenwoordigen.
D: Maar je zei dat hij menselijke kenmerken had.
B: Ja, hij scheen menselijk. Ik vroeg hem: “Het leven daar buiten in de sterren, is dat met allerlei verschillende onvoorstelbare vormen en kenmerken, of zijn die in de grond allemaal humanoïde? “ Hij zei dat wij leven zouden ontdekken dat op twee manieren is: gelijkend op dat van ons maar dan een beetje anders en dan zó totaal verschillend dat het moeilijk zou zijn om te geloven dat het echt intelligent leven is.
D: Je zei dat je zijn handen zag. Leken dat menselijke handen?
B: Die waren heel groot, met lange vingers. Op een toetsenbord van een piano kon hij makkelijk  12 of 13 toetsen overspannen zonder zich te ‘verrekken’, op de manier dat ik negen of tien kan overspannen. En zijn vingers waren lang in vergelijking met de maat van zijn handen. Maar het beste kan ik me herinneren, dat hij hetzelfde aantal vingers had als wij. En daar hij wijde kleding had, kan ik niet zeggen welke andere fysieke kenmerken hij had die anders zijn dan die van ons.  Het voornaamste dat ik merkte was dat hij groter was dan gemiddeld. Maar toen bedacht ik dat waar hij vandaan kwam ze waarschijnlijk een hogere standaard van gezondheid hadden. En zouden mensen dan waarschijnlijk een grotere gemiddelde hoogte hebben.
D: Bedoel je dat hij hoger was of groter?
B: Gewoon groter. Hoger, breder geschouderd, grote handen. Hij had prachtige tanden. Ik denk niet dat hij ooit in zijn leven naar een tandarts ging. Hij leek heel wijs en vriendelijk. En hij zei dat een van de dingen sommige andere rassen bang maakte, dat wij een neiging hebben om agressief te zijn, en misschien wat strijdlustig soms. Hij zei, als wij dit onder controle kunnen krijgen, zal onze toekomst heel helder zijn.

Dit scheen de enige informatie te zijn die ze kon geven over die vreemde ontmoeting. Ik wist dat ik altijd meer kon krijgen door direct met haar onderbewuste geest te spreken. Dus ik vroeg om met haar onderbewustzijn te mogen spreken. En daar werd ik nooit toegang tot geweigerd.

D: Ik ben nieuwsgierig over dit wezen dat ze zag. Zag hij er eigenlijk ook zo uit zoals zij hem beschreef?
B: Eigenlijk, gloeide hij ook zoals zij beschreef. Maar er waren enkele zichtbare stoffelijke verschillen die veroorzaakten dat zij die vergat, of om mee te beginnen niet zag. Ik veronderstel dat je kunt zeggen dat hij iets charmants over zich heen had gegooid zodat hij volledig mens zou schijnen.
D: Kun je me vertellen hoe hij er echt uitzag?
B: Zijn haar was wit en los stromend, en langer dan zij zich herinnerde en de haarlijn trok wat naar achteren. Hij had een hele scherpe widow’s peak (= een haarpunt op zijn voorhoofd) terwijl zij waarnam dat hij een steile haarlijn had zoals dat van een jonge man. En hij had grote handen, maar die waren benig en zijn vingers hadden een extra gewrichtje. In plaats van dat de vingers eindigen waar die van ons dat doen, was het alsof het middelste gewricht werd herhaald. Zodat ze anders buigen dan onze vingers doen.
D: Hoeveel vingers had hij?
B: Hij had vier vingers, maar hij had ook een dubbele duim.
D: (Dat was een verrassing) Een dubbele duim?Wat bedoel je?
B; Twee duimen. Zijn hand was langer dan die van ons omdat daar meer beentjes in zaten. Hij had een duim op de normale positie en een volgende daarboven. Er was zat ruimte voor twee duimen voordat de vingers begonnen. (dit werd allemaal vergezeld door handbewegingen)
D: Dus hij had twee duimen en vier vingers, dat zijn dan zes vingers samen.
B: Ja, aan iedere hand. Met lange, smallere vingernagels dan die van ons. Aan de basis waar de nagelriem is, was dit heel scherp een U-vorm in plaats van dat vierkantige zoals dat van ons is.
D: Was zijn gezicht anders?
B: Het leek strenger dan zij zich herinnerde. Hij realiseerde zich dat zij zijn voorkomen beangstigend kon vinden. Zijn ogen waren heel groot en verblindend/schitterend, door de kracht die van hem uitstraalde, met hele bossige wenkbrauwen erboven. En eigenlijk waren zijn ogen totaal wit. Er was geen iris of geen pupil die je kon zien.
D: Ik heb wel eens blinde mensen gezien. Is dat wat je bedoelt?
B:Ja, behalve dat dit witte, gloeide door licht, door de kracht die vanuit hem straalde.
D: Welke kenmerken had hij nog meer?
B: Zijn andere kenmerken leken nogal normaal. Zijn wangen waren verweerd, ingezonken, en hij had een sterke kaaklijn. Het was moeilijk iets over zijn oren te zeggen omdat zijn haar erover heen hing.
D: En zijn huid was eigenlijk wit?
B: Ik denk niet dat dit zo was. Er was zoveel licht gloeiende, het was moeilijk te zeggen welke kleur die eigenlijk had. Maar door het contrast tussen zijn haar en zijn huid, en tussen zijn ogen en zijn huid, leek het dat zijn huid donkerder was. Maar die gloeide ook van licht, dus leek die lichter dan die eigenlijk was.
D: Had hij een neus en een mond zoals wij?
B: Ja, hij had een neus en een mond, maar moeilijk te zeggen of de tanden zo waren als ze zei, omdat hij zijn mond niet opendeed toen hij sprak. Hij sprak door zijn gedachten te projecteren.
D: Maar ze zag tanden.
B: Omdat het beeld dat ze zag bij gelegenheid lacht. En de echte beeltenis was heel ernstig.
D: Dus zijn gezicht had geen uitdrukking.
B: Oh, die had wel een uitdrukking, maar daar hoorde niet bij dat hij zijn tanden liet zien. Hij trok zijn wenkbrauwen en hield zijn hoofd scheef en zoiets als dat, maar dat hield nooit glimlachen in. Zijn gezicht leek meer smal van voren. De manier waarop zijn gezicht naar zijn mond ging was scherper dan onze gezichten. Die van ons zijn bij vergelijking meer plat.
D: Droeg hij het soort kleding die zij beschreef?
B: Hij droeg kleding, maar die waren complexer dan zij beschreef. Hij had veel metaalwerk en zoiets die in zijn kleding was verwerkt.
D: Waar was dat voor?
B: Diverse instrumenten en zo. Sommige ervan waren alleen versiering. Sommige ervan vertegenwoordigden zijn rang. En sommige ervan waren remote controls (afstand-bedieningen) voor een schip en zo. Dit zat in zijn kleding, in zijn riem. Hij had zoiets als een bandelier schuin over zijn borst (haar hand bewegingen gaven twee banden aan) die geladen waren met metalen dingen.
D: Instrumenten en zulk spul, zei je?
B: Meer zoals knopen en knoppen. En het leken kleine flesjes maar die hadden allemaal een bedoeling. Dat was niet voor versiering. Als het instrumenten waren dan waren ze heel erg verkleind.
D: Dus zelfs de kleren waren anders dan zij dacht dat ze waren.
B: Ze leken erop, met losse mouwen en zomen. Ze zag alleen de instrumenten niet en wat zij ‘apparaatjes’ noemde. Hij stond niet toe dat zij zijn apparaten zag.
D: Was daar een reden voor?
B: Ja, omdat de mensheid technologisch onvolwassen is. En als ze te snel aan teveel vreemde ontwikkelde technologie worden blootgesteld,  kan dat rampzalig zijn.
D: De mens probeert altijd nieuwe dingen te leren. Bedoel je dat we het niet kunnen begrijpen of er mee omgaan, of wat?
B: Er niet mee om kunnen gaan. Het zelfde gebeurde in de geschiedenis van de Aarde toen zeilers een nieuw eiland ontdekten in de Zuidelijke Pacifiek, en dan het opperhoofd een geweer als geschenk gaven. De chef was trots op zijn geschenk en zwaaide er mee rond, en zei: “Hé, kijk wat ik heb.” En per ongeluk ging het af en hij schoot er iemand mee dood omdat hij er de kennis niet voor had en hoe je er mee om moet gaan en het gebruiken.
D: Ik denk aan het woord “discipline”.
B: Nee, dat is niet hetzelfde. Hij had het begrip niet hoe iets kon worden gebruikt. Omdat als je eenmaal begrijpt hoe iets wordt toegepast, dan komt de discipline natuurlijk daarna.
D: Dus, ze denken dat het beter is om ons niet te veel in eens te laten zien.
B: Precies. Wij worden gezien als een intelligent soort en als zeer nieuwsgierig. En zij weten als wij iets zien en ons dat herinneren, dan proberen we te bedenken wat we zagen en proberen we het na te maken.
D: Kwamen er echt stralen uit zijn ogen?
B: Ja. Door de wijze waarop hun apparatuur wordt gemaakt, kan het werken door het lichaam heen, niet alleen door apparaten. Dat kan dus ook het lichaam gebruiken. En de stralen die uit zijn ogen kwamen konden of van een apparaat komen dat het landschap scande om te analyseren waar dingen van gemaakt waren, of het konden stralen uit een apparaat zijn dat was afgestemd om een specifiek element of iets te vinden. Het konden veel dingen zijn geweest.

Dit leek het geval te zijn van niet een maar twee “lagen”  die overheen lagen. De eenvoudige versie van de uil die haar bewuste geest zich herinnerde was totaal anders dan de twee die onder hypnose geuit werden. Kennelijk hebben deze alien wezens het vermogen om ons op veel manieren dingen te laten zien. Alleen hypnose kan onthullen wat er echt onder de oppervlakte ligt. Kunnen we ooit weten wat echt is en wat illusie?

D: Het lijkt vreemd dat hij niet wist dat zij daar langs kwam in haar truck.
B: Maar dat wist hij wel.
D: Oh? Ik dacht dat hij verrast was?
B: Nee, zij was degene die verrast was. Hij wist dat zij kwam. En zij was degene waarmee hij contact wilde hebben.
D: Was er een reden waarom hij met haar contact wilde?
B: Ja. De raad van elders/ouderen blijft bepaalde mensen in de gaten houden op Aarde, dus als de tijd juist is om met de mensheid contact te maken, zal met deze mensen eerst contact gelegd worden, als het tijdens hun leven gebeurt. Ze hebben dit al eeuwenlang gedaan. Een van de mensen waarvan zij voelden die meest belovend was, was Leonardo da Vinci. En dus terwijl elke generatie komt en gaat, zijn er specifieke mensen die zij gadeslaan. Als het gebeurt  tijdens hun generatie dan hebben zij al besloten met wie ze eerst zullen contact leggen.
D: Was er iets specifieks anders met haar waarom ze haar gadesloegen?
B: Ze keken naar een combinatie van kenmerken in de mensen waarmee ze het eerst contact wilden leggen. De mensen moeten zeer intelligent zijn (dit past bij Brenda omdat zij een IQ heeft van een genius) En een open geest en graag nieuwe dingen wil leren ( Zij heeft zeker een open geest anders zou ze nooit hebben toegestemd in onze vreemde experimenten)
Maar ook spiritueel ontwikkeld zijn en in contact met de hogere lagen. Iemand die probeert zichzelf te verbeteren en die open staat voor nieuwe zaken. Iemand die, zelfs als ze obstakels in hun leven hebben, die op een positieve manier overstijgen zonder anderen negatief om zich  heen te beïnvloeden. Sommige mensen overkomen hun obstakels door anderen om zich heen af te breken. Maar dat is niet het soort mensen dat zij willen. Zij willen dat mensen hun obstakels door positieve middelen overstijgen.
D: Blijven zij in aanraking met deze mensen of hun hele levenlang gadeslaan?
B: Ja. Ze blijven hun hele leven een oogje op hen houden. En van tijd tot tijd leggen ze contact met hen. Soms laten ze hen dit herinneren,maar de meeste tijd bewolken ze hun herinnering om hun dagelijkse leven niet te compliceren.
D: Is er eerder met Brenda contact gelegd?
B: Ja, dat is gebeurd. Specifiek toen ze een jong kind was, maar zij herinnert het zich niet. Ze maakten contact met haar om haar te helpen zich voor te bereiden in het geval dat die tijd in haar leven komt.
D: Was dat een zelfde soort wezen?
B: Soms zo’n wezen, en soms een wezen met een ander voorkomen, omdat het wel iemand kon zijn van een ander ras wezens. Maar gewoonlijk iemand die in nauw contact staat met de raad van elders. Zij werken samen.
D: Hoe blijven ze haar volgen? Mensen trekken zo veel rond. Hoe kunnen ze hen lokaliseren?
B: Ze zijn in staat om je mentale uitzending waar te nemen. En je aura is heel zichtbaar voor hen. Plus, sommige van die mensen zijn sterk ontwikkeld genoeg om op hogere lagen waar te nemen dan de mensheid dat kan. Dus ze eenmaal je aura kennen en je hogere zelf en hoe je mentale uitzending eruit ziet, is die heel makkelijk je op te sporen, omdat iedereen uniek is en geen twee mensen gelijk zijn. Ze hebben apparatuur om hen daarbij te helpen. Ze stoppen de informatie in het apparaat en zeggen die de planeet te scannen. En dat apparaat gaat die locatie binnen.
D: Dus ze hoefden niets te doen aan haar stoffelijke lichaam om haar te vinden?
B: Nee, niet elke keer. De eerste keer dat ze met haar contact legden, toen ze een kind van 9 jaar was, ‘entten’ zij haar in. Zoiets als een vaccinatie, kun je zeggen. Moeilijk uit te leggen.
D: Ik denk aan een spuitje of zoiets.
B: Ja, daar lijkt het op. En soms laat die inenting een litteken achter of soms een merkje op de huid. Ze enten een substantie in die de waarnemingen verhoogt. Dat maakt die persoon gevoeliger om vermogens te ‘asper’-en. Omdat die vermogens heel belangrijk zijn in de galactische gemeenschap.
D: Dat is een vreemd woord voor me. Vermogens ‘asper-en’?
B: Het is een heel gewoon woord. Het is alleen een andere manier om op al die buitenzintuiglijke vermogens te wijzen.
D:  Ik dacht aan aspiraties?
B: Je denkt aan het verkeerde woord. (zij spelde het)  “Esper”, esper vermogens.
D: Dit is een woord dat ik niet ken.
B: Zij kent het. Daar kreeg ik het van.
D: Oh, je kreeg het uit haar woordenschat? -…  Nou, in welk deel van het lichaam geven ze die inenting?
B; In haar geval was het hier waar een bobbeltje op haar linkervoorarm zit.
Brenda hield haar arm omhoog en ik kon dat bobbeltje zien.
D: Hoe kreeg je dat?
B: Het werd ’s nachts gegeven toen zij sliep. En als je haar dit vraagt, als ze wakker is, dan zegt ze je wanneer dit gebeurde, want het leek toen heel erg raar in de tijd dat dit verscheen.
D: werd er een instrument gebruikt?
B: Ja dat lijkt op zoiets als een zilveren buisje. En het eind dat ze tegen haar arm drukken lijkt plat of misschien iets naar binnen gebogen. Maar als je dit tegen de arm drukt, doordringt iets in het buisje de huid en ent het in de bloedstroom. Maar dat doet geen pijn.
D: Maar het laat wel een bobbeltje achter? B: Ja.

[Winny: ik sla even een stukje over:]
B: Als er contact wordt gelegd in het leven van die persoon, kunnen ze dat “ding’ activeren dat ze in haar lichaam achterlieten.  Dan zal dit ook als vertaler dienen. Dus kan zij haar gedachten projecteren en communiceren en dan hun gedachten horen. En als er een stem wordt gebruikt is ze in staat om hen te verstaan. En als er een stem communicatie wordt gebruikt dan is ze in staat om hen te begrijpen zelfs als zij een onbekende taal spreken. Als dit geluid de hersenen raakt dan zal het worden overgebracht in begrijpelijk symbolen die zij kan begrijpen. Het ding in haar lichaam zal dat kunnen doen.
Het ding is heel klein en is ongeveer een achtste van een inch (2,5 cm)  en het zit in het vlees van haar onderarm,onder het bobbeltje waar zij haar inentten. Het zit tussen twee beenderen in. In een spier.

{Dan vraagt D. meer over deze dingen]
De raad van elders wil momenteel niet dat er meer in haar lichaam, of hoofd wordt geplaatst.
D: Wat is de bedoeling daarvan?
B: Ik weet het niet zeker. Van de diverse rassen en groepen van de mensheid die in de galactische gemeenschap zitten, hebben verschillende rassen andere doelen. En ze gebruiken andere instrumenten. Dus kunnen ze de mensheid op andere manieren benaderen. Alhoewel de contacten verondersteld worden om te worden gecoördineerd door de raad van elders, gebruiken sommige groepen hun eigen instrumenten eerder dan die de raad van elders goedkeuren.
D: Vind de raad dit niet erg als ze die dingen doen? Is dat niet tegen hun regels of zo?
B: Sommige zijn tegen de regels en sommige niet. Dat hangt af van hoe het wordt gedaan en of er geen letsel/schade wordt gebracht aan het subject. Dus wat voor effect het op het subject heeft.
D: Kun je zien hoe de wezens eruit zien die dat in haar arm zetten toen ze 9 jaar oud was?
B: Het waren heel vriendelijke mensen. Het is moeilijk te zeggen hoe ze eruit zien omdat het nacht was toen ze dat deden. Ze hadden in ieder geval geen haar op hun hoofd. Hun hoofden waren heel glad. En ze schenen zilverig gekleurd  te zijn. Hun handen waren anders, omdat ze drie vingers en een duim hadden. Ze zijn niet zo groot als die persoon op de weg. Deze mensen schenen langere beenderen te hebben en zijn tenger, heel delicaat gebouwd. Ze hebben donkere ogen maar meer kan ik niet zeggen, omdat het donker was. Maar ze hebben lange ledematen en zijn mager, en ze zien er uitgemergeld uit vergeleken met mensen.
D: Je zei dat het vriendelijke mensen waren?
B: Ja. Ze hebben een sterke intellectuele nieuwsgierigheid. En ze doen dit door instructie van de raad van elders. En de raad van elders bestaat uit veel wezens van veel verschillende rassen. Er is een oneindig aantal soorten wezens,omdat er zo’n variëteit van leven is, als je het universum als geheel neemt. Alleen in deze galaxy zijn er vele verschillende soorten  levende wezens die er verschillend uitzien, verschillende culturen hebben, verschillende vermogens, verschillende manieren om naar dingen te kijken, een andere manier om dingen op te bouwen. Als je ziet hoe sommige rassen eruit zien, kun je begrijpen hoe verschillende legendes over gnomen en elven en dergelijke begonnen. Want in antieke tijden werden de mensen niet altijd bewolkt zodat hun herinnering niet wegviel…..
D: De raad is het die de andere wezens vertelt om deze dingen te doen?
B: Ja, dat is de wijze waarop het zou moeten gebeuren.
D: Dat is dus niet altijd zo?
B: Niet altijd, nee. Maar ze proberen het gecoördineerd te doen via de raad van elders, om de  minste schade te berokkenen.

Dolores:  Dus het kleine bobbeltje op Brenda’s arm leek een mysterie te zijn. Er is waarschijnlijk geen manier waarop we ooit kunnen ontdekken of er echt een dingetje werd geïmplanteerd  in haar, 19 jaren geleden, of dat het er nog was. Zo lang het geen stoffelijke problemen geeft, is het waarschijnlijk het best om er niks mee te doen, en dan zal het een mysterie blijven. Sommige mensen willen dat inplantingen worden verwijderd als ze die eenmaal ontdekken. Maar ik ben van mening dat als de buitenaardsen willen dat ze daar zijn, dan zullen ze die gewoon weer vervangen. 


Vertaling: Winny